Algemene projectomschrijving
Het Norbertus Lyceum werd in 1923-1924 gebouwd als Rooms-Katholieke middelbare jongensschool. De oorspronkelijke school bestond uit een breed, tweelaags hoofdvolume met zadeldak: een centraal deel met hal en trappenhuis, geflankeerd door twee vleugels met lokalen. Achter dit centrale deel lag, haaks op de lokalenstructuur, een lager volume met een gymzaal annex aula. Naast de school werd gelijktijdig een conciërgewoning gerealiseerd. Deze oorspronkelijke bouwdelen hebben inmiddels een gemeentelijke monumentale status.
In de loop der jaren groeide de school uit tot een lappendeken van uitbreidingen. Daardoor werden looplijnen inefficiënt en raakte de heldere, orthogonale structuur van het hoofdgebouw steeds verder vertroebeld. Het huidige lyceum vroeg om een effectief, no-nonsense gebouw dat aansluit bij de onderwijsvisie van nu: flexibel, multifunctioneel en aanpasbaar aan de behoeften van de tijd.
Om die ambitie waar te maken bleek gedeeltelijke vervanging door nieuwbouw noodzakelijk. Bouwdelen met monumentale waarde én potentie voor het vernieuwde onderwijs zijn behouden. Het gebouw is teruggebracht naar zijn authentieke T-vorm waar de uitbreiding zich als een U omheen vouwt. De oorspronkelijke aula, die honderd jaar geleden dienstdeed als gymzaal en ontmoetingsruimte, vormt nu als theater en bibliotheek opnieuw het hart van de school. Centraal in het nieuwe binnenplein, opgenomen in een groot atrium dat over de monumentale vleugel heen is gebouwd.
Beschrijving staalconstructie en/of gebruik van staal
Het atrium is volledig transparant uitgevoerd en voorzien van een lichtgewicht ETFE-luchtkussendak. Hierdoor blijft het monument duidelijk leesbaar binnen de vernieuwde schoolomgeving. De transparante dakconstructie wordt gedragen door stalen vakwerkspanten van 27 meter lang. Om een zo slank mogelijke constructie te creëren zijn de vakwerkspanten onderling in de zwakke richting gekoppeld met kruizen om horizontaalkrachten uit het ETFE-dak op te vangen. Deze horizontale krachten kunnen ver oplopen als een strook bijvoorbeeld lek raakt. En doordat vakwerken zijn toegepast heb je vrij lichte profielen. De ETFE-kussens zijn bol dus er is geen ruimte om simpelweg horizontale koppelingen te maken. Om de transparantie in stand te houden is er zoveel mogelijk gebruik gemaakt van trekstangen. De hoogte van de vakwerken en de detaillering van de horizontale koppelingen is volledig afgestemd tussen constructeur, architect en staalleverancier evenals met de bouwfysisch adviseur vanwege de absorberende panelen die in de vakwerken geplaatst zijn.
Aan één zijde wordt het atrium afgesloten met een lichtstraat. Deze is geplaatst op een vakwerkspant van circa 6 meter hoog, ondersteund op twee kolommen, evenwijdig aan het hoofdvolume van de bestaande bouw. De staalconstructie maakt het mogelijk om grote overspanningen te realiseren met een lichte, open uitstraling.
Bijzondere aspecten bouwkundig concept/ontwerp
De combinatie van renovatie van een monumentaal pand met nieuwbouw die deels over het monument heen is gebouwd, maakt dit project bijzonder. De uitbreiding sluit zorgvuldig aan op het monumentale bouwdeel. Vooral de aansluiting op de bestaande goten was complex door de hoogteverschillen tussen oud en nieuw. Deze overgang is opgelost met een glazen tussenlid, waarbij de monumentale goten zijn behouden.
Door de transparante overkapping ligt de oorspronkelijke theaterfunctie opnieuw centraal in de school. Bouwtechnisch vroeg dit om complexe aansluitingen, maar het bood tegelijk de kans om een waardevolle historische functie in ere te herstellen.
Ook de gym- en feestzaal uit de jaren 50 speelde een belangrijke rol in het ontwerp. Deze ruimte was jarenlang een ontmoetingsplek binnen de school, maar had die betekenis inmiddels verloren, zeker nadat het hart van de school werd teruggebracht naar het oorspronkelijke monument. Om een nieuwe voorgevel met een heldere entree te kunnen maken, is dit bouwdeel in nauwe afstemming met de monumentencommissie doorgesneden. Als kunstlokaal en buitenpodium kreeg het gebouwdeel een nieuwe culturele functie. Op de slooplijn is een grote glazen schuifpui aangebracht, waardoor de ruimte opnieuw geschikt is voor voorstellingen en exposities. Een zitkuil in het plein markeert de contour van het verwijderde deel en vergroot de multifunctionele inzetbaarheid van het plein voor pauzes, ontmoetingen en opvoeringen.
Bijzondere constructieve slimmigheden/detailleringen
De engineering van het ETFE-luchtkussendak nam ongeveer een jaar in beslag. Het dak bestaat uit vier lagen folie die samenkomen in stalen spanten met een lengte van 27 meter. Tussen de folies wordt een continue luchtstroom geblazen, wat zorgt voor stabiliteit en isolatie. Deze technologie combineert een hoge lichtdoorlatendheid met goede isolerende eigenschappen en weerstand tegen extreme weersomstandigheden. Bij de twee buitenste folies kan de luchttoevoer via een op afstand bedienbaar systeem worden aangepast. Daardoor kunnen de folies ten opzichte van elkaar bewegen en functioneren zij als zonwering.
Zulke ETFE-daken zijn in Nederland nog relatief uniek. Het materiaal heeft een zeer lange levensduur en is bovendien licht van gewicht. Daardoor is geen zware draagconstructie nodig, wat zowel technisch als financieel voordelen oplevert. Omdat het ontwerp volledig in BIM is ontwikkeld, konden ook de bolling van het ETFE-dak en de positie van de trekkruizen tot in detail worden afgestemd.
Een ander bijzonder element is de lichtstraat op de plek waar de nieuwbouw het monumentale pand overkluist. Door dit glazen dak valt het daglicht van bovenaf op de oorspronkelijke gevel, die nu een bijzondere plek ín de school heeft gekregen. Zo worden het monumentale karakter en de geschiedenis van het gebouw op een vanzelfsprekende manier belicht. Ook technisch is het ontwerp verfijnd uitgewerkt: de hemelwaterafvoer van zowel het monument als de lichtstraat is volledig uit het zicht geïntegreerd in de kolommen van de constructie van de lichtstraat.
Bijzondere functionele aspecten van het bouwwerk
Het nieuwe atrium verbindt het monument en de uitbreiding tot één samenhangend geheel. Doordat een deel van het bestaande gebouw in de nieuwbouw is opgenomen, is het monument hiermee ook geïsoleerd. Tegelijkertijd voegt het atrium slimme extra gebruiksmeters toe binnen het beschikbare budget. In de bestaande bouwdelen zijn verschillende aanpassingen gedaan om de functionaliteit en toekomstbestendigheid te vergroten. Diverse houten dakspanten zijn versterkt en een deel van de verdiepingsvloer heeft plaats gemaakt voor de tribunetrap.
Om het monument geschikt te maken voor hedendaags onderwijs waren gerichte aanpassingen nodig. De oorspronkelijke lokalen waren te klein voor moderne onderwijsvormen en het gebruik van leerpleinen. Ook waren de gangen niet berekend op de huidige leerlingaantallen. Daarom zijn lokalen vergroot met respect voor de originele gangwanden. De lokaal-scheidende wanden zijn per travee, telkens tussen de bestaande kozijnen, verplaatst. Zo bleek de flexibiliteit die in 1923 al in het gebouw besloten lag opnieuw van waarde. Het resultaat is een toekomstbestendige leeromgeving met passende onderwijsruimten én behoud van het karakter van de authentieke gangen.
Net als de oorspronkelijke school is ook de uitbreiding symmetrisch opgebouwd. Hierdoor ontstaat een vanzelfsprekende samenhang tussen verleden en toekomst. De smalle, doodlopende monumentale gangen zijn nu onderdeel van een ruime, doorlopende routing waarin verkeersruimte en verblijfsruimte vloeiend in elkaar overlopen. De nieuwe assenstructuur zorgt voor overzicht, rust en oriëntatie. De verschillende onderwijsdomeinen liggen allemaal aan deze nieuwe as en maken daardoor gelijkwaardig gebruik van zowel het monument als de uitbreiding.